Opel geschiedenis

Geschiedenis Opel

Het merk Opel is genoemd naar zijn stichter, Adam Opel. De in 1837 geboren zoon van een slotenmaker, leerde de stiel onder andere in Luik, Brussel en Parijs. Daar zag hij de eerste naaimachines en terug in Duitsland besloot hij de dingen zelf te gaan bouwen. In 1862 werd de eerste Opel-naaimachine gebouwd. In 1886 werden de activiteiten uitgebreid en werd gestart met de productie van fietsen. De zonen van Adam Opel werden allemaal verdienstelijke wielrenners, maar speelden ook met andere ideeën. Zoals zoveel fietsenmakers geraakten ze gefascineerd door het nieuwe vervoermiddel: de auto.

In 1898 werd de eerste Opel-auto gebouwd.Opel werd één van de toonaangevende producenten, wat ook General Motors niet was ontgaan. In 1929 kocht GM 80% van de Opel-aandelen, en in 1931 werd de overblijvende 20% overgedragen

Het bekendste Opel-logo is de zogenaamde ‘Blitz’, de bliksemschicht. In deze vorm werd het voor het eerst voorgesteld in 1963. Voordien, sinds 1937, was het Opel-logo een gestyleerde zeppelin die door een cirkel vloog. Een overblijfsel van de eerste Opel-logo’s, waarbij de merknaam in sierlijke letters in een soort ovaal waren geschreven. Dat ovaal moest een zeppelin voorstellen, destijds een toppunt van moderne techniek.

Meer over de geschiedenis van Opel vind je hier.

 

DAG KADETT

Op vrijdag 26 juli 1991 nam GM Continental officieel afscheid van de Opel Kadett. Dit gebeurde onder grote belangstelling wat het succes aantoonde van de razend populaire Kadett. In 1962 introduceerde Opel de Kadett A en sinds dat jaar werden er meer dan 11 miljoen eenheden van de verschillende Kadettmodellen geproduceerd. Alleen al de laatste versie (de Kadett E) was goed voor een productievolume van 4.480.000 stuks. Dit was dan ook het meest succesvolle Opelmodel ooit.

Op Plant 1 werd reeds in 1964 de eerste Kadett – het A model – gebouwd met een jaarproductie van 4000 auto’s. Tot en met 1981 produceerde men er meer dan 650.000 Kadetts. Sinds 1967 kwam ook op Plant 2 de Kadett van de assemblagelijn. Vorig jaar (1990) werden er nog meer dan 200.000 gebouwd. De geschiedenis van de Kadett in Antwerpen werd met welgeteld 4.036.486 eenheden afgesloten. Op de foto herken je de laatste historische Kadett die van de band rolde op 26 juli. Het was een lichtgrijze 5-deurs met een 1,4 l. motor en met katalysator. Hij werd opgewacht door een prachtige rode Kadett A Coupe van 1964.

Na de laatste Kadett kwam er een “ge-pre-produceerde” Astra van de lijn en was de cirkel rond.

80 JAAR GELEDEN: Geen Rijk voor de Opel Regent

Hij was een echte “Regent”, een wagen voor de superklasse. De Opel “Regent” was Opels eerste achtcilinder. Hij moest de bekroning worden voor een succesvolle reeks personenwagens, die de familie Opel consequent opgebouwd had, van onderaan tot helemaal boven. Het Opelvlaggenschip strandde evenwel reeds na 25 stuks.

Over de productiestop en terugname beslisten de nieuwe meesters uit Detroit, die Opel in Rüsselsheim ten laatste vanaf 1 oktober 1929 leiden.Vanuit het huidig standpunt bekeken is deze beslissing van GM zelfs natrekbaar juist, wildemen toch, naast Cadillac, geen concurrentie uit eigen huis in het smalle marktsegment van de achtcilinders. Toch is dit een eenmalige beslissing gebleven in de automobielgeschiedenis. Laat ons eens terugkijken op het begin van dit onverwachte einde.

Na de eerste wereldoorlog gaat Duitsland door voor hoofdschuldige. De keizer moet aftreden, de jonge republiek lijdt onder bezetting en oproer. Opel in Rüsselsheim heeft het bijzonder zwaar, want men is van de rest van het Rijk afgesneden door de tolgrenzen van de Franse bezetter. Slechts moeizaam komt de automobielproductie terug op gang. Als de galopperende devaluatie toeslaat moet zelfs tijdelijk gesloten worden.

Het Opelwerk heeft nochtans sinds langere tijd een nieuw doel en gebruikt deze gedwongenpauze om Amerikaanse productiemethodes en – techniek, die men reeds bestudeerd had, in te voeren. Men denkt ook terug aan vroegere successen met Opels kleinere auto’s, de Opel Doctorwagen had toch een nieuwe en bredere groep kopers gevonden. Men vindt ook een passend voorbeeld in de kleine Citroën 5 pk: de Duitse variant zal op de lopende band prijsgunstig gebouwd worden als Opel 4 pk. In 1924 is de prijs van 4500 goudmark nauw berekend en valt haast maandelijks, door de beginnende vraag, tot 1990 Reichsmark in het laatste bouwjaar 1931. In het Duitse rijk wordt de 4 pk de meest geliefde “volkswagen”.

Met deze miniauto als constructieve basis volgt in 1925 in de middelklasse een sterke viercilinder, de Opel Type 10 pk. Het “model 80” is robuust en vindt eveneens een groeiend koperspubliek. Het is dus begrijpelijk dat Opel ook in de “upperclass” erbij wil zijn, want reeds sinds 1916 heeft men voldoende ervaring in de bouw van zescilindermotoren en auto’s. Eind 1926 stelt Opel zijn nieuwe zescilindermodellen voor, de 12/50 pk en de 15/60 pk. Zij leggen de grondslag voor een respectabele start in deze bovenklasse met een verkoop van 1455 stuks in het eerste bouwjaar 1927 en bijna

2000 stuks in 1928. De grote Opel zescilinders, in de reclame als “Duitse Nobelwagen” voorgesteld, passen perfect in de levensstijl der “gouden jaren twintig”Het merk Opel is, in het 65e jaar van zijn bestaan, de nummer 1, niet alleen bij de fietsen maar is nu ook het Duitse automerk waarmee men het meest rijdt. Nu wil Opel de kroon op dit succes: de Opelingenieurs ontwikkelen een geweldige achtcilinder met veel vernieuwende techniek. Geheimrat Wilhelm von Opel stelt in november 1928 op het Internationale Salon van Berlijn het prototype voor van het firmavlaggenschip “Regent”.

Zoals in deze klasse normaal is, wordt het kapitaalkrachtige cliënteel initieel slechts een chassis geboden bij de achtcilindermotor. Opel wil echter ook carrosserieën uit eigen reeksbouw laten volgen. Op het Autosalon staat het chassis op gigantische, hoogst moderne Continental lagedrukbanden “32 x 6,75” SS-Ballon. Het nieuw bandenformaat is ook noodzakelijk, want zonder carrosserie weegt het geheel reeds 1650 kg.

Met carrosserie spreekt men als naakt gewicht van tenminste 2,1 ton en volbeladen kan een totaalgewicht van 2750 kg worden bereikt. Daarom vonden de Opel ingenieurs het zinvol de auto in de fabriek reeds uit te rusten met een bijzondere bandenwisselinrichting. Vier vast ingebouwde hydraulische kriks moeten het wisselen van de houten “vlakbed” spaakwielen van 5 x 20” tot een kinderspel maken. Ook in serie uitgerust, staan twee zijdelings gemonteerde reservewielen ter beschikking, die, zoals het hoort, verpakt zijn in leder met smaakvol logo “Regent 8”

Vol trots wijst Opel, in een prospectus die haast geen afbeelding bevat, over zijn zevenjarige ervaring in de bouw van achtcilinder motoren die het als eerste Duitse firma kan voorleggen. Reeds in verscheidene koersen, bijzonder in het Eifelrennen van 1922, is de nieuwe motor succesrijk getest en nu tot volle productierijpheid ontwikkeld. “Hierbij is men tot het besef gekomen,” staat in de Opel prospectus, “dat de voordelen van een achtcilinder eerst te voorschijn treden bij grote afmetingen, namelijk 5,5 liter, en dat dit bevestigd wordt door de internationale auto-industrie. Daarom heeft Opel zijn achtcilinder 6 liter inhoud gegeven, met 120 mm. slag en 90 mm. boring. Hiermee heeft Opel de krachtigste Duitse achtcilinder geschapen”. Dit zelfbewustzijn moet het merk Opel nog meer kopers in de lagere klassen aanbrengen.
In 1929 staat Opel op een breed front opgesteld: in de miniklasse wordt meer dan 20.000 keer de betrouwbare 4 pk verkocht – sinds productiebegin meer dan 100.000 stuks. In de middenklasse ligt de viercilinder met 3.000 stuks goed in de markt terwijl de kleine zescilinder type 8 pk haast het drievoudige hiervan haalt. Zelfs de grote zescilinder heeft met 3.000 verkochte auto’s een meer dan symbolisch succes. Daar biedt de nieuwe achtcilinder toch een bijkomende goede oriëntering aan.
De achtcilinder – in – rij bezit een afneembare cilinderkop met 16 staande, volledig in olie geleide kleppen. In de prospectus heet het: “dubbele carburatoren voeden, door vier afzonderlijke leidingen, de 16 vliegtuigmotorbougies met een zeer innig vermengd mengsel” Op deze wijze kan de krukas met negen lagers bij 2.800 omwentelingen een koppel geven van 23,6 mkp wat een maximumkracht geeft van 110 pk. Door het nieuwe lage chassis wordt de wagen toch een goede baanvastheid verzekerd.

Voor de carrosserie zijn de opvangpunten in gummi gebed; op dezelfde wijze wordt de motor door gummiblokken gedragen. Voor het eerst bij Opel worden hydraulische remmen voor de vier wielen ingebouwd. Nieuw is een Maybach hulpversnellingsbak, in optie voor 1.000 Mark verkrijgbaar, die als “overdrive” het toerental reduceert. Onder GM regie zal Opel slechts 30 jaar later opnieuw een hulpversnellingsbak aanbieden als overdrive in de Kapitän. Deze hulpbak zorgt bij de achtcilinder voor een rustigere loop van de motor, zonder invloed op het verbruik. 23 liter per 100 km, klinkt echter zeer optimistisch voor deze zware Pullman. En de prijs ? Opel geeft 14.000 Mark aan, met de Maybach “schnellgang” origineel zelfs 15.000 Mark.

Vanaf februari 1929 kan voor 4.500 Mark extra in het carrosseriewerkhuis van Rüsselsheim een opbouwcarrosserie besteld worden voor een 7 persoon open wagen; een Roadster versie wordt voor 5.000 Mark aangeboden. Voor de 4 deurs Pullman luxecarrosserie moet 6.000 Mark betaald worden, wat voor een afgewerkte wagen 21.000 Mark maakt, omgerekend naar de huidige koers is dat 197.000 Euro. Nog duidelijker wordt de tegenwaarde als men bedenkt dat Opel op dat ogenblik de 4 PK aanbiedt voor 2.100 Mark: de solvente koper kan 10 leuke “kikkers” krijgen voor een respectabele Regent. Nog duurder kan ook als men het Opel chassis niet uitrust met een seriecarrosserie uit Rüsselsheim, maar een carrosseriebouwer opdracht geeft een individuele opbouw uit te voeren. Spijtig dat heden haast geen afbeeldingen hiervan meer te vinden zijn. In de typenlijst van het Reichsverband der Automobilindustrie, jaargang 1929, vinden wij een foto van een bij Opel gecarrosseerde open toerauto met 7 zitplaatsen; Werner Oswald toont in zijn autokroniek een 5 zits luxelimousine van een onbekende fabrikant. Opel geeft een kiekje vrij van een 6 zits Pullman limousine, die op een der destijds frequente Concours d’élégance een eerste prijs kreeg.. Interessant is ook een coupé dat Oswald aan de Kruckwerke uit Frankfurt toeschrijft. Deze koninklijke wagen werd op het 9e Baden-Badener Automobieltornooi van 19 tot 23 juni 1929 door Fritz von Opel aan de juryleden voorgesteld. Deze op het tornooi voorgestelde achtcilinder coupé wordt Opel Regent 23/110 pk genoemd en is eerder stijlloos met bijkomende koetslichten versierd; ook de lakkleuren zijn ongewoon: een passagiersruimte in kobaltblauw wordt omringd door beigekleurige slijkweerders en motorcompartiment.

In het tijdschrift “Motor und Sport” nr. 26 wordt door Hans Ohrenstein bericht over een verdeelde mening van het publiek in Baden-Baden. Hij omschrijft de “geschiktheid van dit prachtkaros voor een of andere koning van Egypte, maar niet echt voor een Duitse luxewagen”. Desondanks wordt Fritz von Opels Regent in Baden-Baden met de eerste prijs bekroond, terwijl het Badener dagblad het coupé eveneens bespot als “hyper moderne postkoets”

Fritz von Opel – Regent Coupé carrosserie van Kruck uit Frankfurt

Bij de schoonheidswedstrijd in Baden-Baden op 23 juni 1929 rollen 235 wagens over de kiezel van de Kurgarten en onderwerpen zich aan de kritische blikken van de hooghartige jury. 38 Mercedes wagens doen mee, gevolgd door Horch met 19, Opel met 18 en Wanderer met 16 auto’s. Zelfs 11 carrosserieën op General Motors chassis doen mee: La Salle, Buick, Cadillac, Pontiac, Oakland, Oldsmobile en Chevrolet zijn in Baden-Baden present. Opel kan zich beroemen op 5 eerste en 3 tweede prijzen. De bloemencorso wordt gewonnen door Carola Winter, vrouw van de latere Opel groothandelaar Eduard Winter uit Berlijn. Winter doet mee in een achtcilinder Cadillac die, met duizenden theerozen versierd, voorgesteld wordt als “Droom in rozen” en wint. Ook de Opel achtcilinder doet mee aan een bloemencorso, zoals een foto van Opels fotoafdeling toont, maar zonder vermelding van de plaats van gebeuren. De korte economische bloeiperiode eindigt abrupt wereldwijd met de beurskrach in New-York van vrijdag 25 oktober 1929. Sinds het productiebegin in april werden toch reeds 25 bestellingen geleverd.
Dan gebeurt het eenmalige: Opel wordt door de nieuwe directie gedwongen alle wagens tegen de volle prijs terug te nemen en te verschroten. Voor zover we nu weten en omdat elk spoor ontbreekt, hebben alle kopers dit ook gedaan. Echt allen ? In 2001 zou in België in een loods zulke wagen ontdekt zijn en via internet verkocht naar de USA. Het was zeker geen kleine “Regent”, zoals hij als luxevariant van de Opel 1,8 liter sinds 1932 weer in het programma zit. De achtcilinder uit België had houten spaakwielen met SS Ballon banden. Het weze zo – ooit zullen we deze Opel bekroning opnieuw kunnen bewonderen bij een der talrijke schoonheidswedstrijden in de USA.

Deze wederopstanding heeft de Opel Regent werkelijk verdiend.

 

Opel Regent, Pullman Luxus-Limousine 1929 24/110 pk.